Prinjesdag special 2014

BinnenhofPrinsjesdag 16 september 2014

Op Prinsjesdag is de Rijksbegroting met daarin de Miljoenennota 2015 (dit is de toelichting op de Rijksbegroting) gepresenteerd. Ondanks de positieve cijfers van licht herstel en groei zijn er ook grote onzekerheden door de internationale spanningen.

Na Prinsjesdag gaan de fractievoorzitters in de Tweede Kamer op 18 en 19 september 2014 tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen in debat met elkaar en met de ministerpresident over politieke hoofdlijnen en de hoofdlijnen van het kabinetsbeleid. Daarbij wordt meestal veel aandacht besteed aan de overheidsfinanciën en sociaaleconomische onderwerpen.

In deze Nieuwsbrief Special bespreken we de belangrijkste maatregelen uit de Miljoenennota die in het bijzonder betrekking hebben op de eigen woning. Het betreft alleen die voornemens waarvan we redelijkerwijs verwachten dat deze straks in de Staatscourant als besluit worden gepubliceerd. Wat de maatregelen inhouden en welke effecten deze hebben op uw adviesgesprekken leest u in onderstaande artikelen.

Keuzes voor een beter belastingstelsel

Staatssecretaris Wiebes heeft de Tweede Kamer op 16 september 2014 per brief geïnformeerd over de ambities van het kabinet om via een herziening van het belastingstelsel meer  werkgelegenheid en economische groei te bevorderen. De brief beschrijft een ontwikkelrichting van het fiscaal stelsel. In de huidige kabinetsperiode zal een begin worden gemaakt met invoering van een aantal maatregelen ter vereenvoudiging van het stelsel. Voor de overige onderdelen van de stelselherziening moet de aangegeven richting eerst worden vertaald in concrete maatregelen. Het kabinet vindt het niet opportuun om de woningmarkt in deze stelselherziening opnieuw met hervormingen te confronteren.

Aan de hand van acht keuzes wordt richting gegeven aan het toekomstig belastingstelsel.

1. Vereenvoudiging van het toeslagen- en belastingenstelsel.
Bijvoorbeeld de kinderopvangtoeslag, de zorgtoeslag en de autobelastingen. Het aantal toeslagen moet sterk verminderen. Maar ook kan  de heffingsgrondslag eenvoudiger.

2. Borging van toekomstige uitvoering.
Bij alle wetsvoorstellen die door de Belastingdienst moeten worden uitgevoerd zal de uitvoerbaarheid vooraf moeten worden getoetst.

3. Fiscale stimulering van ondernemers door te richten op innovatie en doorgroei.
Voor het starten van een onderneming en het doorgroeien is het belangrijk om het ondernemerschap fiscaal te stimuleren.

4. Spreiding van belastingdruk particulieren over levensloop.
De belastingdruk is niet constant over de levensloop. De druk is het hoogst in de werkende fase, terwijl in die fase de hoogste kosten vallen. Het Kabinet wil in de toekomst het verschil in de hoogte van het besteedbaar inkomen voor en na pensionering geleidelijker maken.

5. Verlaging tarieven door te snoeien in aftrekposten.
Zowel voor particulieren als voor bedrijven bestaat een groot aantal aftrekposten, vrijstellingen en heffingskortingen; in totaal al meer dan 100. Dit maakt het belastingstelsel complex en maakt hogere tarieven noodzakelijk.

6. Verschuiving van belastingdruk van arbeid en ondernemen naar consumptie.
In vergelijking met andere Europese landen maakt Nederland regelmatig gebruik van lagere BTW-tarieven. Het Kabinet wil echter de lasten op arbeid en ondernemen verlagen in ruil voor een verhoging van de lagere BTW-tarieven.

7. Verschuiving van belastingdruk van arbeid en ondernemen naar duurzaamheid.
Het Kabinet is bereid om zijn groene groeiambities fiscaal te ondersteunen.

8. Uitbreiding gemeentelijk belastinggebied.
De gemeenten moeten meer mogelijkheden krijgen om zelf meer belastingen te kunnen heffen. Daardoor is een lagere uitkering uit het gemeentefonds mogelijk en krijgt het Rijk meer ruimte om de belasting op arbeid verder te verlagen.

Rente over restschuld woning langer aftrekbaar

De rente over de restschuld die overblijft na de verkoop van een woning wordt langer aftrekbaar. De periode wordt verlengd van tien naar vijftien jaar.

Toelichting
Bij de verkoop van een eigen woning in box 1 tussen 29 oktober 2012 en 31 december 2017 met  een verkoopprijs lager dan de eigenwoningschuld ontstaat er een restschuld. In fiscale termen: een negatief vervreemdingssaldo eigen woning volgens artikel 3.120a wet IB 2001.

De betaalde rente over deze restschuld is in box 1 nog maximaal 10 jaar na de verkoop-datum aftrekbaar zonder bijbehorende (fiscale) aflossingsverplichting. Deze termijn wordt verlengd naar maximaal 15 jaar.

Fiscale verhuisregeling structureel drie jaar

Verlenging van de termijn van de renteaftrek voor de leegstaande te koop staande voormalige of een leegstaande toekomstige eigen woning.

Mensen die hun oude woning niet verkocht hebben, behouden de mogelijkheid om drie jaar lang de hypotheekrente in mindering te kunnen brengen op hun inkomen. In 2015 zou de termijn worden teruggebracht van drie jaar naar twee jaar, maar dat wordt dus ongedaan gemaakt.

Dit geldt ook voor de maximale termijn voor het verkrijgen van hypotheekrenteaftrek voor de nog leegstaande toekomstige eigen woning -bijvoorbeeld een woning in aanbouw- blijft ook in 2015 staan op drie jaar conform de huidige wettekst in artikel 3.111, lid 2 en 3 wet IB 2001

Toelichting
De verhuisregeling valt uiteen in twee onderdelen:

  • voormalige eigen woning bestemd voor de verkoop (artikel 3.111, lid 2, wet IB 2001)
  • toekomstige eigen woning in verband met aanbouw of verbouwing (artikel 3.111, lid 3,wet IB 2001).

Bij verhuizing naar een volgende eigen woning, terwijl de vorige eigen woning nog niet is verkocht, zijn er dubbele woonlasten. Volgens de fiscale voorwaarden in genoemd artikel kan de rente van beide woningen in het kalenderjaar waarin de woning leeg en te koop wordt aangeboden en de volgende drie kalenderjaren fiscaal worden afgetrokken.

Voorbeeld 1
Een woning staat vanaf 1 april 2015 leeg en te koop. Deze woning kan maximaal tot en met 31 december 2018 fiscaal als eigen woning in box 1 gelden met de bijbehorende fiscale renteaftrek.

Voorbeeld 2
Een vorige woning staat vanaf 1 april 2012 leeg en te koop. Door de oorspronkelijke plannen om de duur in te korten, zou de fiscale aftrek gelden tot 31 december 2014. Nu blijft deze aftrek dus doorlopen tot 31 december 2015.

Einde belastingvrij schenken tot € 100.000 eigen woning

Reeds eerder op 8 september 2014 is in de beantwoording van staatssecretaris Wiebes naar aanleiding van Kamervragen over “de schenkingsregeling bij een koophuis” gemeld dat de eenmalige schenkingsvrijstelling van maximaal € 100.000 in 2015 niet zal worden verlengd.

Dat betekent dat de toepassing van de ruimere voorwaarden van deze belastingfaciliteit op 1 januari 2015 verdwijnt in het kader van de eigen woning (aankoop, verbouwing, aflossing en/of kwijtschelding gerealiseerde rest- en/of  eigenwoningschuld), zoals:

  • geen beperking in de kring van verwanten, zoals uitsluitend ouders aan kinderen, en:
  • ongeacht de leeftijd van de ontvangers.

Op 1 januari 2015 vervalt deze ruime schenkingsvrijstelling en zijn er beperkende voorwaarden met betrekking tot de eigen woning, zoals:

  • het bedrag is maximaal € 52.281 (dit bedrag wordt nog geïndexeerd voor  2015);
  • alleen ouders kunnen dit bedrag belastingvrij schenken aan kinderen;
  • de kinderen zijn tussen de leeftijd 18 en 40 jaar.

Herkansing 80%-regeling Levensloop

De 80%-regeling bij opname van levenslooptegoed wordt opnieuw mogelijk in 2015 en wel voor één jaar. Dit is van belang voor de deelnemers die in 2013 geen gebruik maakten van de 80%-regeling. Deze herkansing geldt ten hoogste voor de waarde in het economisch verkeer van de aanspraak op 31 december 2013. Dat betekent dat de werkgever in 2015 alsnog 20% van het opgenomen tegoed onbelast kan uitbetalen.

De fiscale voorwaarden zijn:

  • de werknemer neemt zijn volledige tegoed in één keer op, en:
  • de 80%-regeling is gemaximeerd voor het tegoed inclusief rente dat op 31 december 2013 in de levensloopspaarpot zat.

Verlenging lage Btw verbouwing eigen woning

Het verbouwen en herstellen van woningen ouder dan 2 jaar valt tijdelijk onder het 6%-tarief.  De periode zou eindigen op 1 januari 2015. Deze periode wordt nu verlengd tot 1 juli 2015. Vanaf 1 juli 2015 wordt het Btw-tarief van 6% op arbeidskosten weer teruggebracht naar 21% in geval van renovatie of herstel van de eigen woning

Toelichting
Het 6%-tarief op arbeidskosten geldt (alleen) voor werkzaamheden in het kader van renovatie/verbouwen en herstellen in de periode van 1 maart 2013 tot 1 januari 2015 (nu verlengd tot 1 juli 2015). Onder verbouwings- en herstelwerkzaamheden wordt verstaan: het vernieuwen, vergroten, herstellen of vervangen en onderhouden van (delen van) de woning.

Bron: SEH

Afspraak maken